Coca-Cola wil een voortrekkersrol spelen op het gebied van duurzame verpakkingen. Niet alleen omdat klanten, leveranciers en de wereld daar om vragen. Maar simpelweg ook omdat de mensen van Coca-Cola dat zelf enorm belangrijk vinden. Volgens Bruno van Gompel, van oorsprong bio-ingenieur en verantwoordelijk voor de 'commercialisatie'- zeg maar: het goed en verantwoord in de markt zetten - van nieuwe producten in West-Europa, verwachten consumenten terecht dat Coca-Cola er alles aan doet om de milieu-impact van haar producten zo klein mogelijk te maken. Maar hoe moeilijk of gemakkelijk is dat eigenlijk?

Het eerste dat Bruno van Gompel denkt als hij zwerfafval ziet? 'Wat een verspilling van waardevol materiaal!' Dat klinkt misschien wat technisch, maar Van Gompel is dan ook ingenieur van huis uit. En bovendien raakt hij wel de kern van het probleem. Want: 'Al die flesjes kunnen als grondstof dienen voor nieuwe dingen.' Los daarvan: het gaat hem ook echt aan het hart. 'Als we zomaar dingen van waarde weggooien, is er iets mis met het systeem. Het is een teken dat we niet goed bezig zijn. Als bedrijf, maar ook als maatschappij.'

100% recyclebaar

Een van de grote uitdagingen volgens de Technical en Supply Chain Manager, zoals zijn officiële functietitel luidt, is dat veel verpakkingsmateriaal - en dan vooral PET - beperkt beschikbaar is. Er is simpelweg niet voldoende gerecycled plastic om aan de vraag te voldoen. Bovendien is er veel concurrentie uit andere branches en industrieën. Hergebruik van bestaand materiaal is dus een absolute must. Of zoals Van Gompel het zegt: 'Elke gebruikte verpakking moet weer een nieuwe verpakking worden. We moeten naar 100% recyclebaar toewerken, dat is een commitment die we als gezamenlijke industrie aan moeten gaan.' En die Coca-Cola overigens wereldwijd al is aangegaan.’

Oververpakken

Volgens Van Gompel moet de industrie (levensmiddelen, frisdrank, verpakkingen) zich twee vragen stellen. Eén: is de verpakking wel noodzakelijk? En twee: hoe voorkom je dat het afval wordt? Van Gompel: 'Als industrie hebben we nog werk te doen. We oververpakken nog steeds. Verpakken dient een doel. Maar zorg ervoor dat de verpakking minimaal is.' In de tweede plaats moeten bedrijven, aldus Van Gompel, 'op een effectievere manier recyclen'. En dat begint bij het verzamelen van de verpakking. 'Nederland is daarmee goed op weg. Maar lang niet alle landen binnen de EU hebben dat al even goed geregeld. En daarnaast moeten ook de volgende stappen in de keten op orde zijn. 'Als je wel inzamelt, maar het niet kan verwerken, dan heeft het geen zin. Als er iets in de keten ontbreekt, dan stopt het proces. We kunnen ons geen zwakke schakel permitteren.'

Levensduur

Verpakkingen hebben verschillende functies. Ze dienen om te verkopen, maar ook om producten snel en goedkoop te kunnen vervoeren. En om de levensduur van het product te verlengen. Op de vraag welke functie hij het belangrijkst vindt, zegt Van Gompel zonder aarzeling: 'Verpakken om de levensduur te verlengen. Want de voedselproductie heeft de grootste impact op het milieu. Ruim een derde van de voedselproductie gaat verloren. Dat blijkt uit cijfers van de Food and Agriculture Organisation van de United Nations. De impact van deze voedselverspilling is dus groter dan die van verpakkingen zelf. Maar eigenlijk zou ik verpakken met zo min mogelijk schade voor het milieu ook op de eerste plaats willen zetten. Want dat is natuurlijk net zo belangrijk.' Dat Coca-Cola ook graag verpakkingen kiest die goed verkopen, spreekt voor zich. Van Gompel: 'Natuurlijk is dat voor ons belangrijk. Maar dan wel zo duurzaam mogelijk.'

Noodzaak en uitkomst

Veel wetenschappers zijn op zoek naar de heilige graal: één soort verpakking dat alle andere overbodig maakt. Maar dat bestaat niet, volgens Van Gompel. Net zoals er op het gebied van duurzaamheid niet één oplossing is. Er zijn zoveel studies over het meest duurzame materiaal, daar breken mensen hun hoofd over. Maar er is een simpel antwoord: het meest duurzame materiaal is géén materiaal.'

Maar dat kan vaak niet. Verpakken is en blijft een noodzaak en uitkomst. Vanwege het tekort aan gerecycled materiaal, moet het gerecyclede plastic nog steeds worden aangevuld met nieuw gefabriceerd plastic. 'Dat is geen ideale oplossing, maar onvermijdelijk totdat we in staat zijn alles te recyclen', zegt Van Gompel. 'Maar wat erbij komt, moet wel zoveel mogelijk afkomstig zijn van biomassa. Biobased zoals dat heet. Dus niet van plastic op basis van aardolie. Daar zit niet de toekomst. We moeten onszelf lossnijden van de olie-industrie. En als ik biobased zeg, dan bedoel ik biomassa uit tuin-, groente- en fruitafval of ander voedselafval dat niet meer door mens of dier gegeten kan worden. Dus geen biomassa op basis van voedsel dat je onttrekt aan de wereld. Het gaat erom dat we voedsel upcyclen. Dan ben je echt aan het verduurzamen.'

Dit artikel is gebaseerd op een artikel uit de Analyse Economie gepubliceerd door European Media Partner en gedistribueerd met het Financieele Dagblad.